Ieder die zich als verzekerde bij de
maatschappij wenst aan te sluiten, geeft zich op bij de
maatschappij. Het
bestuur beslist binnen een maand over zijn/haar toelating en hij/zij
betaalt dan een jaarlijks vast te stellen bedrag aan
inschrijfkosten.
Inschrijving van paarden kan te allen tijde
geschieden. Het schatten van de aangegeven paarden geschiedt door
een, daarvoor door de -maatschappij aangewezen taxateur. Voor extra
risico’s kan een toeslag worden berekend.
Van de nieuw ingeschreven paarden zijn reeds in
aanleg aanwezige gebreken gedurende het eerste jaar niet
meeverzekerd, dit geldt met name voor hoefkatrol ontsteking en
arthrose.
Gevolgen van osteochondrose worden niet
vergoed, tenzij bij de opname (d.m.v. rofo’s) blijkt dat het paard
op dat moment geen osteochondrose heeft.
Wanneer een paard van een verzekerde wordt
verkocht aan een ander verzekerde, wordt het op verzoek, door de
maatschappij gratis overgeboekt.
Van uitgeschreven paarden wordt maximaal de
halfjaarlijkse premie terugbetaald, wanneer daarvan tijdig kennis is
gegeven aan de maatschappij (binnen 6 maanden na aanvang van het
verzekeringsjaar). Van tussentijds ingeschreven paarden wordt de
premie + bijkomende kosten geïnd door de maatschappij; genoemde
kosten worden door het bestuur vastgesteld. Van gestorven en
afgekeurde paarden wordt geen premie terugbetaald.
De premie en eventueel bijkomende kosten moeten
binnen 14 dagen na ontvangst van de nota worden voldaan op een
daarvoor geopende rekening van de maatschappij. Als de nota niet
binnen 30 dagen is voldaan, kan de dekking opgeschort worden en kan
het bestuur besluiten tot invordering, waarbij zowel de
gerechtelijke als buitengerechtelijke kosten voor rekening komen van
het betrokken verzekerde, alsmede de wettelijk verschuldigde rente.
Geen vergoeding geldt in alle gevallen waarin
en voor zover de schade door een elders gesloten verzekering blijkt
te zijn gedekt. Ook wordt er geen vergoeding gegeven bij verlies ten
gevolge van verregaande en opzettelijke verwaarlozing of
mishandeling door het bestuur vast te stellen en te beoordelen;
afmaking door besmettelijke ziekte beperkt de vergoeding tot het
verschil tussen 90% van de gewaarborgde som en door overheidswegen
toegekende of toe te kennen vergoeding. De basisdekking eindigt op
het moment dat het paard 26 jaar wordt.
De maatschappij vergoedt niet de schade
ontstaan bij oorlog, vijandelijke inval, volksoproer, opstand,
instorting, ontploffing, kernreactie (ongeacht hoe ontstaan)
overstroming of andere natuurrampen, tenzij de deelnemer bewijst dat
de schade generlei verband houdt met een van genoemde
omstandigheden, noch daardoor is bevorderd.
De dekking vangt aan 10 maanden na de laatste
dek - of inseminatiedatum van de merrie en eindigt 3 maanden na de
geboorte van het veulen.
De geboortedatum moet binnen 3 dagen gemeld
worden bij de maatschappij. Het veulen is verzekerd tegen:
-
doodgeboren worden of noodzakelijk afmaken
wegens een aangeboren afwijking.
-
Dood - of ongeneeslijk verklaring door een
dierenarts binnen 3 maanden na de geboorte.
Bij meerlingen geldt de verzekering slechts
voor 1 veulen; als slechts 1 veulen leeft na de geboorte geldt de
verzekering voor het levende veulen.
-
de reguliere (allopathische) dierenarts en
een chirurgische ingreep.
-
medicijnen op voorschrift van de dierenarts.
-
verblijf in een kliniek (maximaal 30 dagen),
na verwijzing door een dierenarts en toestemming van de
maatschappij.
-
radiologische onderzoeken, die nodig zijn
voor de behandeling.
-
kosten van vaccinatie, ontwormingsmiddelen,
vitaminepreparaten en voedingssupplementen
-
ziekten waartegen normaliter ingeënt kan
worden
-
behandeling van
aangeboren afwijkingen
-
paarden ouder dan 16 jaar
-
kosten van castratie en de eventuele
gevolgen daarvan
-
kosten gemaakt i.v.m.
vruchtbaarheidsproblemen (deze worden niet als ziekte gezien)
-
epidemieën
-
hoefsmid (gediplomeerde hoefsmeden zijn zelf
verzekerd voor evt. fouten en de gevolgen daarvan).
-
Preventieve tandheelkunde
-
Kosten van diergeneeskundige hulp en
medicijnen, nadat reeds een reeks van onderzoeken en behandelingen
heeft plaatsgevonden van één en dezelfde oorzaak (chronische
problemen).
Vergoed worden behandelingen waarvan een positief
resultaat is te verwachten.
Er wordt van uitgegaan dat er jaarlijks
gevaccineerd wordt tegen influenza en tetanus.
Tevens wordt er vanuit gegaan dat er voldoende
wordt ontwormd (1x per jaar mestonderzoek 10 dagen na de ontworming)!
Het eigen risico beperkt zich tot de kosten van
visite of consult en eventueel entree-geld kliniek. Indien dit niet
op de rekening gespecificeerd is, wordt hiervoor minimaal € 25,- in
rekening gebracht. Voor de verrichtingen van de dierenarts geldt wel
een vergoeding. Er wordt 80% van het bedrag van de nota vergoed tot
maximaal de verzekerde waarde van het paard, met een maximum van €
5.000,- per verzekeringsjaar.
De maatschappij heeft afspraken gemaakt met
bepaalde klinieken over de vergoeding van ziektekosten. Een lijst
wordt u op verzoek toegezonden. Van deze klinieken wordt 100% van de
ziektekosten vergoed, met behoud van het eigen risico.
Rekeningen die voor vergoeding in aanmerking
komen, moeten uiterlijk voor 1 april van het volgende
verzekeringsjaar worden opgestuurd. Deze worden alleen in
behandeling genomen met een schriftelijke verklaring van de
dierenarts. (declaratieformulier)
Behandelingen waarvan de te verwachten kosten
hoger zijn dan € 250,00 dienen binnen 3 x 24 uur bij de maatschappij
te worden gemeld. Verzekeringnemer is verplicht al hetgeen
redelijkerwijs in zijn vermogen ligt te ondernemen om schade te
beperken en een eventuele schade zo snel mogelijk (binnen 24 uur)
bij de maatschappij te melden.
Bij diefstal of vermissing van een paard of
pony is de verzekerde verplicht onverwijld aangifte te doen bij de
politie en desgevraagd zijn/haar rechten op het dier aan de
maatschappij over te dragen, dit geldt ook als het om een trailer of
rijtuig gaat. Met behulp van het politierapport (dat opgemaakt moet
worden bij de aangifte van diefstal) moet het aannemelijk zijn dat
er sprake is van diefstal.
Bij de diefstalverzekering van de trailer of
het rijtuig geldt een afschrijving van 10% van de aanschafwaarde
gedurende de eerste vijf jaar, vervolgens 5% per kalenderjaar.
Verzekerde moet aan kunnen tonen dat hij/zij alles heeft gedaan om
diefstal te voorkomen.
Het uitkeringspercentage bedraagt 90% van de
verzekerde som. Betaling vindt pas plaats nadat een termijn van 2
maanden na de aanmelding van de diefstal is verstreken.
Onder de dekking vallen ook dood tengevolge van
transport en kwaadwilligheid van derden.
Het uitkeringspercentage bedraagt 90% van de
verzekerde som.
Aanvullend kan een verzekering afgesloten
worden voor natuurlijke dood.
Bij verzuim van opgave van voren genoemde
gebreken en afwijkingen, kan de verzekerde bij sterfte of
ongeneeslijk verklaring slechts 40 % van de verzekerde som vorderen.
Paarden die tijdens de jaarlijkse schatting onder
behandeling van een dierenarts zijn, worden getaxeerd maar blijven
voor de eerstvolgende drie maanden voor het ingeschreven bedrag
verzekerd, daarna vindt her schatting plaats. Bij deze dieren moet
echter een schriftelijke verklaring van ziekte van de behandelende
dierenarts zijn.
Verzekerden kunnen geroyeerd worden bij
zichtbare verwaarlozing van hun paarden.
Wie zijn verzekering wil beëindigen, moet
daarvan 1 maand voor de polisvervaldatum schriftelijk bericht geven
aan de maatschappij; het
lidmaatschap houdt dan de 1e dag van de maand
daaropvolgend op, terwijl verzekerde verplicht is bij de eerste
aanmaning de omslag over het laatste jaar van zijn/haar lidmaatschap
te voldoen.
Worden dusdanige aanvragen niet gedaan, dan
wordt bij sterfte of ongeneeslijk verklaring een dusdanig dier niet
door de maatschappij vergoed. Het bestuur heeft het recht een
verleende vergunning te allen tijde in te trekken.
De koopvernietigende gebreken en andere
gebreken of afwijkingen die tot afkeuring leiden, moeten binnen zes
weken na de verkoopdatum gemeld worden bij het bestuur.
De schaderegeling is afhankelijk of het paard
verzekerd is als gezelschapsdier of als paard dat bestemd is voor de
slacht.
Dieren bestemd voor de slacht.
Bij paarden in deze categorie geldt dat de
slachtopbrengst van het paard ten goede komt aan de maatschappij.
Wordt er voor euthanasie gekozen dan geldt er een aftrek op de
uitkering van de geschatte slachtopbrengst.
De kosten van euthanasie zijn voor eigen
rekening van de verzekerde.
Bij gezelschapsdieren kan de eigenaar ervoor
kiezen om het paard te laten euthanaseren (meeverzekerd zijn dan de
dierenartskosten tot € 100,00 per geval + de reguliere afvoerkosten
van Rendac).
Er bestaat ook de mogelijkheid om het paard
over te dragen aan een door de verzekering erkend paarden opvang
c.q. rusthuis (b.v. de Stichting de Paardenopvang).